Ongeveer 1,3 miljoen Nederlanders werken als zelfstandige zonder personeel. Wat veel van hen niet beseffen: val je langdurig uit door ziekte of een ongeval, dan is er geen werkgever die je doorbetaalt. Geen ziektewet, geen WIA, gewoon niets. Daarom werkt de overheid al jaren aan een verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering voor zzp-ers (de Wet BAZ). In maart 2026 heeft de ministerraad het wetsvoorstel goedgekeurd en het is nu bij de Tweede Kamer. In dit artikel leggen we de actuele stand van zaken uit, wat een AOV kost, wat alternatieven zijn en wat slim is om nu al te regelen.
Waarom een AOV voor zzp-ers?
Als zelfstandige ben je niet verzekerd tegen arbeidsongeschiktheid. Word je ziek of kom je op de ene of andere manier in de problemen, dan ben je aangewezen op je spaargeld. Uit cijfers blijkt dat het grootste deel van de zzp-ers onverzekerd is. De overheid ziet dit als maatschappelijk risico: arbeidsongeschikte zzp-ers belanden namelijk vaak in de bijstand of op straat, wat uiteindelijk door de samenleving wordt opgevangen.
Daarom is de Wet Basisverzekering Arbeidsongeschiktheid Zelfstandigen (Wet BAZ) in voorbereiding. Het doel is elke zelfstandige verplicht te verzekeren, zodat er een basisinkomen is bij langdurige arbeidsongeschiktheid. De wet vloeit voort uit het Pensioenakkoord uit 2019.
Stand van zaken in 2026
In maart 2026 heeft de ministerraad het wetsvoorstel Wet BAZ officieel goedgekeurd. Het voorstel ligt nu bij de Tweede Kamer en moet ook door de Eerste Kamer worden aangenomen. Na aanname volgen publicatie en inwerkingtreding. Volgens de minister van Werk en Participatie wordt de verplichting waarschijnlijk niet vóór 2030 van kracht. De peildatum voor het overgangsrecht wordt wel al in 2026 of 2027 vastgesteld.
Dat betekent: de verplichting ligt nog 4 tot 5 jaar in de toekomst, maar beslissingen die je nu neemt kunnen wel doorwerken. Wie vóór de peildatum al een particuliere AOV heeft die aan bepaalde voorwaarden voldoet, kan gebruikmaken van overgangsrecht en is vrijgesteld van de verplichte regeling.
Wat wordt de verplichte AOV?
Het wetsvoorstel Wet BAZ heeft de volgende kernpunten. De premie bedraagt 5,4 procent van je winst uit onderneming. Het maximum ligt naar verwachting op ongeveer 171 tot 177 euro per maand (gekoppeld aan het minimumloon dat jaarlijks stijgt). Bij een winst tot ongeveer 38.000 euro betaal je dus 5,4 procent, boven dat bedrag zit je op het maximum.
De uitkering is 70 procent van het inkomen dat je verdiende voordat je arbeidsongeschikt werd, tot maximaal het minimumloon. Dat is ongeveer 2.500 euro bruto per maand bij een volledige werkweek. De wachttijd bedraagt twee jaar: je krijgt pas na twee jaar ziekte een uitkering. Voor deze wachttijd moet je zelf iets regelen, zoals spaargeld, een broodfonds of een andere verzekering.
De beoordeling door UWV kijkt niet naar je eigen beroep, maar of je ‘basisfuncties’ kunt uitvoeren. Dat zijn bestaande banen met weinig lichamelijke of mentale inspanning rond het minimumloon. In de praktijk betekent dit dat je pas echt een uitkering krijgt als je ook die eenvoudige functies niet meer aankunt. Dat maakt de drempel voor uitkering vrij hoog.
De opt-out voor wie zelf wil regelen
Zelfstandigen die al een particuliere AOV hebben die vergelijkbaar of beter is, kunnen gebruikmaken van een opt-out. Dat betekent dat je niet mee hoeft te doen aan de Wet BAZ. De voorwaarden zijn wel strenger geworden: je particuliere AOV moet minimaal dezelfde dekking bieden als de Wet BAZ, doorlopen tot je AOW-leeftijd en niet lager zijn dan de verplichte premie. Ook moet de verzekering een periodieke uitkering bieden tot minimaal je 55e levensjaar.
Voor wie al een AOV heeft afgesloten voor de peildatum, geldt mogelijk de overgangsregeling. Die is soepeler dan de opt-out: je huidige verzekering wordt als voldoende gezien, ook als de premie lager is dan de Wet BAZ-premie. Dit geldt echter niet voor een broodfonds of andere collectieve regelingen zonder verzekeringscomponent.
Wat kost een particuliere AOV?
Particuliere AOV-premies verschillen sterk per beroep. In 2026 is de gemiddelde premie 260 euro bruto per maand. Voor een IT-consultant of boekhouder ligt de premie lager (rond 100 tot 200 euro), voor risicovolle beroepen zoals dakdekker, steigerbouwer of chauffeur veel hoger (tot 400 euro of meer). De premie is fiscaal aftrekbaar in box 1, waardoor de effectieve kosten netto zo’n 156 euro per maand bedragen bij het gemiddelde tarief.
Bij een particuliere AOV kies je zelf je dekking, eigenrisicoperiode (1 maand, 3 maanden, 12 maanden of 24 maanden), verzekerd bedrag en eindleeftijd. Meer flexibiliteit, maar ook meer verantwoordelijkheid om het goed af te sluiten. Vraag altijd meerdere offertes en vergelijk ze goed. Meer context over de fiscale kant vind je in onze uitleg over de zelfstandigenaftrek 2026.
Broodfonds en crowdsurance
Een populair alternatief is een broodfonds. Dat is een groep van gemiddeld 20 tot 50 zelfstandigen die elkaar helpen bij langdurige ziekte. Je legt maandelijks een vast bedrag in (gemiddeld 35 tot 100 euro per maand, afhankelijk van je dekking). Bij langdurige ziekte ontvang je een maandelijkse schenking van je fondsgenoten, tot twee jaar lang. De fiscaal aantrekkelijke vorm: het is een schenking, geen verzekeringsuitkering.
Nadeel van een broodfonds: de uitkering is beperkt tot maximaal twee jaar. Voor langere arbeidsongeschiktheid heb je nog steeds een aanvullende voorziening nodig. Veel broodfondsleden combineren daarom een broodfonds (voor de eerste twee jaar) met een particuliere AOV die pas na twee jaar uitkeert, wat fors goedkoper is dan een volledige AOV.
Wat kun je nu het beste doen?
Nu nog geen actie ondernemen is risicovol, om meerdere redenen. De peildatum kan al in 2026 of 2027 komen. Bovendien: hoe langer je wacht met afsluiten, hoe ouder je bent en hoe hoger je premie. AOV-verzekeraars hanteren meestal een instapleeftijd-premie die de rest van je leven blijft gelden. Voor een 30-jarige is afsluiten vaak aanzienlijk goedkoper dan voor een 45-jarige.
Maak eerst een analyse: welke uitgaven heb je minimaal nodig, hoeveel spaargeld heb je achter de hand en hoe lang kun je zonder inkomen. Bereken op basis daarvan welke dekking bij jou past. Vergelijk dan particuliere AOV, broodfonds en spaarstrategieën. En als je tot je 30e alleen spaargeld wilt gebruiken, zorg dan dat je een flinke buffer opbouwt.



